TU Eindhoven schaft drie numerus fixus af na toezegging in Rijksbegroting

17 september 2019

Drie van de zes numerus fixus aan de TU/e worden afgeschaft, per volgend collegejaar (2020/2021). De andere drie worden verhoogd.

Foto: Vincent van den Hoogen.

De TU Eindhoven schaft de instroombegrenzing (numerus fixus) af voor drie van de zes TU/e-opleidingen met zo’n begrenzing, met ingang van het volgende collegejaar (2020/2021). Voor de andere drie opleidingen verhoogt de universiteit het maximum aantal studenten dat toegelaten wordt. De verhoging van het aantal toe te laten studenten is mogelijk dankzij de ruimere middelen die voor de TU/e zijn opgenomen in de Rijksbegroting, die op Prinsjesdag is gepresenteerd. Het College van Bestuur is blij dat dit besluit genomen kan worden, vanwege de enorme vraag naar ingenieurs, vooral in de regio Brainport.

Hogere instroomcapaciteit

De instroombegrenzing (decentrale selectie) wordt afgeschaft voor de opleidingen Biomedische Technologie/Medische Wetenschappen en Technologie, Industrial Engineering (Technische Bedrijfskunde) en Mechanical Engineering (Werktuigbouwkunde). Voor de opleidingen Architecture, Urbanism and Building Sciences (Bouwkunde), Computer Science and Engineering (Technische Informatica) en Industrial Design gaat de universiteit het aantal toe te laten studenten verhogen. Het universiteitsbestuur neemt het besluit hierover in december. Dan wordt ook besloten wat de instroomcapaciteit wordt voor deze opleidingen.

Behoud van kwaliteit

In de Rijksbegroting is een stijging van de Rijksbijdrage voor de TU/e opgenomen die oploopt tot circa 16 miljoen euro extra in 2022. De universiteit is blij met deze toezegging, want het stelt haar in staat meer ingenieurs op te leiden met behoud van de hoge kwaliteit van de opleidingen. Dat is hard nodig, want het gat tussen de opleidingscapaciteit en arbeidsmarktvraag naar ingenieurs is groot, wat negatieve gevolgen heeft voor de Nederlandse kenniseconomie.

Meer ingenieurs

De studenteninstroom aan de TU/e is over de afgelopen zeven jaar meer dan verdubbeld, maar de financiering vanuit de overheid bleef daar bij achter. Daardoor kon de universiteit niet voldoende investeren in extra personeel en faciliteiten. Rector Frank Baaijens: “Als de verhouding tussen het aantal studenten en het wetenschappelijk personeel scheef groeit, gaat de kwaliteit van het onderwijs achteruit en loopt de werkdruk op. We waren daarom genoodzaakt aan de rem te trekken. Dat was een bijzonder lastige beslissing, want de maatschappij en de industrie staan te springen om meer ingenieurs. We zijn dus blij dat we nu meer studenten kunnen toelaten. We gaan ons uiterste best doen om het benodigde wetenschappelijke personeel te werven om ook de extra studenten optimale onderwijskwaliteit te bieden.”

Mediacontact

Ivo Jongsma
(Science Information Officer)