Menukaart voor energie-efficiëntie

Eigen huis als testlocatie

Technologisch Ontwerper in Opleiding Davide Garufi werkt samen met Woonbedrijf aan een voorspellend model voor de energie-efficiëntie van eengezinswoningen. Het model kan een grote rol gaan spelen bij de effectieve inzet van energiebesparende en duurzame maatregelen in de gebouwde omgeving. Met  ruim 30.000 huurwoningen in en rondom Eindhoven, kan Woonbedrijf een grote groep huurders mobiliseren om duurzame stappen te ondernemen.  Omdat daarbij de woonkosten niet stijgen, krijg je de huurders mee en tegelijkertijd leveren deze maatregelen een duurzame bijdrage aan de maatschappij.

Slimme keuzes

Woonbedrijf wil haar woningvoorraad verregaand verduurzamen, enerzijds uit milieuoverwegingen en daarnaast gedacht vanuit de positie van de klant. De verwachting van Woonbedrijf is dat met de alsmaar stijgende energieprijzen, de energiekosten in de nabije toekomst de huurprijs zullen inhalen. Wonen wordt daarmee fors duurder en dat is met name in de sociale huursector een groot probleem. Door nu de woningvoorraad te verduurzamen, zorg je op de langere termijn goed voor je huurders. Maar hoe doe je dat zo goed mogelijk? Er is een groot aantal methoden en producten op de markt voor optimalisatie en het opwekken van eigen energie. Wat zijn slimme keuzes? Welke technieken renderen het beste op de lange termijn? En hoe ver ga je?

Menukaart vol mogelijkheden

Davide Garufi: “Woonbedrijf heeft veelal te maken met een bestaande woningvoorraad. Dat zijn oudere woningen die je wel kunt upgraden naar label A+, maar het is daarbij  het de vraag is of de terugverdientijd acceptabel is. Als onderdeel van mijn postdoctorale studie en in opdracht van Woonbedrijf werk ik aan een onderzoek naar de energie-efficiëntie van tussenwoningen, een veelvoorkomend woningtype in het portfolio van Woonbedrijf. Daarbij ga ik kijken naar de energie-efficiëntie in relatie tot de kosten van maatregelen zoals isolatie, warmtevoorzieningen, eigen elektriciteit opwekken en meer. Het doel is te komen tot een voorspellend model, een ‘menukaart van mogelijkheden’. Bij een renovatie kan Woonbedrijf daarmee gemakkelijk een aantal scenario’s bekijken en evalueren om zo een gerichte keuze te kunnen maken voor de uiteindelijke aanpak.”

Aireys wijk

Woonbedrijf legt een stevige uitdaging neer voor Garufi. Eerder wees de woningcorporatie de Eindhovense wijk Aireys aan - binnen de Green Deal Brabant waarin ook de TU/e participeert - als proefgebied voor duurzaam wonen. De wijk is vernoemd naar Sir Edwin Airey. Deze Engelse ingenieur bracht in 1922 de eerste prefab-woning op de markt.. De huizen en appartementen waren eigenlijk bedoeld als noodwoningen. In Gestel staan ze er nog steeds; echter onder andere door de gebrekkige isolatie voldoen ze niet langer aan de eisen van vandaag. Garufi: “Een wijk waar vanuit duurzaamheidsoogpunt veel valt te verbeteren. Het mooie is dat ik zelf ook in de wijk woon. Mijn tijdelijke huis dient meteen als testlocatie voor Woonbedrijf. De woning uit de jaren vijftig is compleet opnieuw geïsoleerd en heeft onder andere 20 zonnepanelen op het dak en een innovatief warmtepompsysteem.

Technologie

”Garufi: “In deze eerste fase ben ik vooral data aan het verzamelen. Over de ligging, geometrie, gebruikte materialen. Een huis bouwen van een bepaalde isolatiewaarde kan met allerlei materialen als je de juiste dikte en constructie gebruikt. Maar als je het echt duurzaam wilt aanpakken: kies je dan voor hout, staal, kunststof iof steen? Wat is de invloed van een energie-intensief en mogelijk vervuilend productieproces? Vervolgens ga ik kijken naar een aantal technologieën: installaties, zonnepanelen. Hier gaat het vooral om bewezen technologie. Voor een organisatie als Woonbedrijf is het riskant om op grote schaal te experimenteren met innovaties die nog niet zijn uitontwikkeld. Deze komen wel aan bod, maar pas in de laatste fase.
Het geheel van geometrie, constructie, materialen en technieken breng ik onder in een model. Deze ‘menukaart’ zoals we die bij Woonbedrijf noemen, geeft een behoorlijk nauwkeurige voorspelling van dit type woning qua energiegebruik, CO2-reductie en de bijbehorende kosten. De parameters zijn generiek genoeg om voorspellingen te kunnen doen voor hetzelfde type woning in andere wijken; daarmee heeft Woonbedrijf straks een decision-support-tool in handen om renovaties en woningverbeteringen vooraf accuraat door te rekenen op energiebaten, investering en terugverdientijd.”

Nieuwe bedrijfsmodellen

Mensen en partijen komen pas in beweging als er geld te besparen is. Dat gaat op voor consumenten, voor bedrijven en overheden. Besparen hoeft echter duurzaam voordeel niet uit te sluiten. Garufi: “Ik kijk in mijn onderzoek naar de technische kant, maar de gedragskant is minstens zo belangrijk. De energiemarkt gaat fors veranderen de komende jaren. Energiemaatschappijen beginnen te beseffen dat het geld op een andere manier verdiend gaat worden. Er zullen veel nieuwe bedrijfsmodellen ontstaan. Woonbedrijf schuift eigenlijk ook op in de service naar de huurder. Het fraaie is dat Woonbedrijf met ruim 30.000 huurwoningen in en rondom Eindhoven, een grote groep huurders kan mobiliseren om duurzame stappen te ondernemen. Het doel van Woonbedrijf is - in onder andere de Aireys-wijk - om goede praktijkvoorbeelden op te bouwen. Wijken verregaand verduurzamen zonder dat daarbij de woonkosten voor de huurder omhoog hoeven. Zo krijg je huurders mee en lever je een duurzame bijdrage aan de maatschappij.”


TU/e Rethinking Power

Energie is van primair belang voor het functioneren van onze maatschappij. Toch kunnen we ons niet blijven verlaten op fossiele bronnen. Op de TU/e leveren 400 onderzoekers van 7 faculteiten en 30 onderzoeksgroepen een bijdrage aan de Strategic Area Energy. Zij werken samen met bedrijfsleven en kennisinstellingen aan nieuwe manieren van energievoorziening: kleinschalig, lokaal, persoonlijk én schoon. Technologie is daarvoor een belangrijke enabler. Uiteindelijk zal de inzet van renewable energy resulteren in meer mondiale welvaart in een veel schonere omgeving.