Studieopbouw

De bachelor Electrical Engineering bestaat voor 50% uit majorvakken, dit zijn vakken die specifiek gericht zijn op Electrical Engineering . De overige 50% bestaat uit verschillende basisvakken, een USE-leerlijn en vrije keuzeruimte. Deze opbouw is hetzelfde voor elke bacheloropleiding aan de TU Eindhoven, door de invoering van het Bachelor College.


Basisvakken

Naast je major volg je een aantal basisvakken, zoals wiskunde en natuurwetenschappen, en je leert technisch ontwerpen in een multidisciplinair team. Je maakt je professionele vaardigheden eigen als samenwerken en organiseren. Deze vakken geven je de stevige basis die je als ingenieur nodig hebt.


Keuzeruimte

Een kwart van je bacheloropleiding bestaat uit vrije keuzeruimte. Hiermee breng je accenten in je opleiding aan. Je kunt ervoor kiezen om je kennis te verbreden door vakken uit een ander vakgebied te volgen of je kunt je juist verdiepen in je eigen vakgebied. Ook kun je deelnemen aan verschillende groepsprojecten.


USE-leerlijnen

Tenslotte kies je een zogenaamde USE-leerlijn. USE staat voor User, Society en Enterprise. Deze leerlijnen laten je zien dat technologie altijd functioneert in een bredere context. Ingenieurs ontwikkelen technologie voor gebruikers, om bij te dragen aan de oplossingen voor maatschappelijke problemen en om economische kansen te creƫren voor bedrijven.


Uitgebreide informatie

Wil je meer weten over de vakken in de bacheloropleiding Electrical Engineering , kijk dan in de digitale studiegids.


Docentcoach

Bij het kiezen van vakken en pakketten krijg je coaching van een docent uit jouw major. Je docentcoach zal met je in gesprek gaan om te reflecteren op je verwachtingen, toekomstperspectief, successen en moeilijkheden. Hij of zij helpt je te zoeken naar een optimale match tussen jouw ambities en de inrichting van jouw studie. De verantwoordelijkheid voor de uiteindelijke keuzes ligt bij jou, maar je coach zal je hierbij helpen.
 

Studentmentor

Naast een docentcoach krijg je ook een studentmentor. Deze zie je vooral in het eerste semester (kwartiel 1 en kwartiel 2). Hij of zij helpt je bij de praktische zaken die je tegen kunt komen bij je studie. Denk bijvoorbeeld aan: waar moet ik zijn om boeken te kopen, hoe kan ik het beste studeren en hoe vind ik mijn weg in het studentenleven.