University paper

Doel van dit project is het ontwikkelen van een toets/assessment die in kaart kan brengen in hoeverre bijna afgestudeerde studenten van een opleiding (als groep) voldoen aan de set van criteria zoals die geformuleerd zijn in de Criteria voor academische bachelor en masteropleidingen. In het voorjaar van 2005 is een tweedaagse pilot uitgevoerd onder studenten van drie opleidingen: Elektrotechniek en Technische Informatica van de TU/e en Informatica van de Radbouduniversiteit Nijmegen.

Met de pilot deden ongeveer 100 studenten mee, voornamelijk  uit het eerste jaar  van de Masters. Ze maakten 15 gevarieerde opgaven, gespreid over de zeven competentiegebieden. Basis voor de constructie was een blueprint met opleidingsoverstijgende opgaven. De opgaven werden in nauw overleg nader ingevuld door een multidisciplinair team met leden afkomstig uit de verschillende opleidingen en de projectgroep, en aangevuld met externe deskundigen. De docentconstructeurs waren tevens beoordelaars. Afname en beoordeling geschiedden grotendeels digitaal.

De methodologie bleek in principe goed bruikbaar. De conclusie van het pilotproject is dat via een vervolg-ontwikkelingstraject het UP geschikt gemaakt kan worden voor:

  • het beoordelen van het academische profiel en niveau van een studentenpopulatie van een opleiding (begin opleiding, eind opleiding, instroom master, periodiek, etc.) in het kader van het interne kwaliteitsbeleid;
  • het vergelijken van opleidingen (benchmarking) in termen van academisch profiel en academisch niveau in het kader van accreditatie en visitatie;
  • het beoordelen van individuele studenten.

Zo'n vervolg-ontwikkelingstraject zou tenminste moeten inhouden:

  • het operationaliseren van de vragen naar moeilijkheidsgraad, aan de hand van de eerder ontwikkelde dimensies van academische vorming (zie het boekje Criteria voor academische bachelor en master curricula).
  • een nieuwe proef onder (organisatorisch) goed gedefinieerde omstandigheden (homogeniteit populatie) bij drie opleidingen uit contrasterende wetenschapsgebieden (waarvan bij voorkeur één uit een niet-bèta discipline).

Voor meer informatie: j.c.perrenet@tue.nl.